MG Car Club Holland Rittenreglement
Onder puzzelritten wordt verstaan ritten waarvan de
routeopdracht bestaat uit:
- Een beschrijving in de Nederlandse taal van de
te rijden route (routebeschrijving).
- Schematisch weergegeven wegsituatie
(bolletje-pijltje of striprit).
- Een kaart of kaartfragment met begeleidend
reglement (kaartleesrit, ingetekende lijn of
blinde lijn).
- Nummering en inhoud routeopdracht
- De routeopdrachten moeten in nummervolgorde
worden uitgevoerd beginnend met nummer 1.
- Iedere opdracht dient volledig uitgevoerd te
worden en te leiden tot een verandering van
rijrichting.
- Per nummer mag 1 routeopdracht worden gegeven.
- Wanneer een routeopdracht foutief of nog niet
uitvoerbaar is, rijdt men zoveel mogelijk
rechtdoor of nagenoeg rechtdoor.
- Wegen
- Onder wegen wordt verstaan: alle voor het
openbaar rijverkeer openstaande wegen welke vanuit
de rijrichting van de deelnemers met een
personenauto kunnen en mogen worden bereden.
- Om een weg mee te kunnen tellen, moet ze op de
bereden route uitmonden.
- Wegen bestaan uit verharde wegen (klinkers,
asfalt, beton, e.d.).
- Een opening in de middenberm is geen weg.
- Een verbinding tussen hoofdweg en ventweg is wel
een weg.
- Wegen mogen naar aard: (b.v. klinkerweg), naar
karakter: (b.v. voorrangsweg) of naar naam: (b.v.
Kanariestraat) worden aangeduid.
- De weg mag niet naar de aard, het karakter of de
naam worden aangeduid indien dit duidelijk
zichtbaar aan het begin van de weg voor de eerste
zijgelegenheid verandert (b.v. asfalt overgaand in
zand of Kanariestraat overgaand in Dorpsstraat.
Als niet aanwezig worden beschouwd:
- Wegen die vanuit de rijrichting gezien krachtens
de wegenverkeerswetgeving voor de deelnemer zijn
verboden.
- Wegen met een bord "verboden toegang",
dan wel een bord met een aanduiding van gelijke
strekking.
- Wegen die zichtbaar doodlopend zijn of waar dit
duidelijk aan het begin van de weg zichtbaar is
door een verkeersbord aanduidende doodlopende weg,
door een bord met de tekst "DLW" of
"DOODLOPENDE WEG", dan wel een bord van
gelijke strekking.
- Particuliere in-, op-, en uitritten.
- Woonerven die als zodanig ook zijn aangegeven.
- Onverharde wegen (bos, zand, grind, sintel,
e.d.).
- Gelegenheden
Onder gelegenheden worden verstaan:
alle voor het openbaar rij-verkeer openstaande
gelegenheden welke vanuit de rijrichting gezien met
een personenauto kunnen en mogen worden bereden. Ook
die niet zonder meer als weg zouden zijn aan te merken
b.v. in- en uitritten van parkeerterreinen of erven,
op-, in-, en uitritten van tankstations e.d. wegen
welke men alleen kan bereiken via verzonken
trottoirband(en) c.q. inritband(en).
- Wegsituaties
- Onder EINDE WEG wordt die situatie verstaan
waarbij geen enkele mogelijkheid aanwezig is om de
rijrichting of nagenoeg de rijrichting te
vervolgen, maar waar men wel de keuze heeft een
weg rechts of een weg links in te rijden.
- Onder DRIESPRONG of SPLITSING wordt die situatie
verstaan waar de weg waar men op rijdt zich in
voorwaartse richting splits in twee andere wegen,
waarbij men voor het berijden van elk van deze
wegen een routeopdracht nodig heeft.
- Onder VIERSPRONG of VIJFSPRONG enz. wordt die
situatie verstaan waar resp. vier, vijf enz. wegen
samenkomen en waar de deelnemer komende uit een
van deze wegen de resterende wegen rechtstreeks
kan en mag inrijden.
- GEEN VIERSPRONG is de situatie waar de weg
waarop men rijdt rechtuit of nagenoeg rechtuit
loopt en de twee zijwegen vrijwel op hetzelfde
punt aan een zijde van de bereden weg uitmonden
(een zgn. K-viersprong).
- Oriënteringspunten
- Bij de in 1 bedoelde routeopdrachten kan gebruik
worden gemaakt van oriënteringspunten,
uitsluitend uitgaande van vaste punten of vaste
voorwerpen. Voor vaste oriënteringspunten komen
in aanmerking:
(1) objecten; b.v. verkeersbord of brievenbuis.
(2) afbeeldingen; b.v. een tekening van een kerk.
(3) wegen, wegsituaties en wegwijzers.
(4) teksten.
- De oriënteringspunten moeten in of in de
nabijheid van de voorgeschreven route liggen en
moeten vanuit de auto zichtbaar of leesbaar zijn.
- Oriënteringspunten dienen zich te bevinden aan
de rechterzijde van de weg, of voor u, aan de
rechterzijde van de as van de weg, tenzij met (L)
in de routebeschrijving vermeld.
- Het is verboden gebruik te maken van:
(1) een oriënteringspunt dat zich gezien vanuit
de rijrichting achterwaarts bevindt.
(2) een oriënteringspunt dat zich links van de as
van de weg bevindt, tenzij met (L) in de
routebeschrijving vermeld.
(3) een oriënteringspunt welke zich IN een gebouw
c.q. opstal bevindt.
- Afkortingen
De worden gebruikt in routeopdrachten:
WW: Wegwijzer, geen P of VRB, die verwijst naar stad
(steden) en/of dorp(en).
P: Verkeerspaddestoel (wegwijzer) die verwijst naar
stad (steden) en/of dorp(en).
VRB: Voorrichtingsbord (wegwijzer), verwijst naar stad
(steden) en/of dorp(en), dat voor de eigenlijke afslag
de mogelijkheid/heden tot richtingsverandering(en)
aangeeft. Een VRB moet betrekking hebben op de
werkelijke afslag.
VRW: Voorrangsweg, voorrangskruising,
voorrangssplitsing, alleen komende van de richting van
waaruit men geen voorrang heeft.
H: Huisnummer.
R: Rechts.
L: Links.
OA: Overbodige aanduiding.
o.a.: onder andere.
RC: Route controle.
CV: Controle vraag.
1e, 2e enz.: eerste, tweede enz.
DLW: Doodlopende weg of doodlopende gelegenheid.
Ri: Richting.
- Weg volgen
Met b.v. de opdracht; klinkerweg volgen, wordt
bedoeld dat de deelnemer de aangegeven weg blijft
berijden tot het eerste oriënteringspunt van de
volgende opdracht is bereikt.
- Aanhoudend rechts of links
Bij de opdracht; aanhoudend R (of L) moet men
minimaal 2 maal naar rechts (of links) van rijrichting
veranderen (reglementaire of verkeerstechnische
gedwongen richtingsveranderingen tellen hierbij niet
mee) tot het volgende oriënteringspunt is bereikt.
- Rechts of links aanhouden
Op splitsing of driesprong gekomen moet de rechtse
resp. de linkse weg of gelegenheid ingeslagen worden.
- Teksten
Een oriënteringspunt dat op de routebeschrijving
tussen aanhalingstekens is geplaatst geeft aan dat het
desbetreffende punt wordt voorgesteld door een tekst.
Teksten moeten steeds met hoofdletters in de
routebeschrijving worden opgenomen. De gebruikte tekst
dient op een vast voorwerp voor te komen. Wordt een
gedeelte van de tekst als oriënteringspunt gebruikt,
dan dienen tenminste de eerste twee volledige woorden
en/of getallen in de routebeschrijving te worden
vermeld alsmede afkorting(en) en/of leesteken(s) welke
zich voor het tweede woord of getal bevinden gevolgd
door: ENZ.
Ook is het mogelijk om een deel van de tekst te
gebruiken. In dat geval wordt dat aangegeven met o.a.
(onder andere).
B.v.: de tekst A. West. 5144 GS Waaldrecht, kan
in een routebeschrijving worden vermeld als:
"A.WEST, 5144 ENZ.", als A.WEST, 5144
GS WAALDRECHT" of als o.a.
"WEST".
- Controles
- Controles dienen om te constateren of de
opgegeven route door de deelnemers op de juiste
wijze wordt verreden.
- Alle controles bevinden zich rechts van de
bereden route, tenzij met (L) in de
routebeschrijving vermeld.
- Bemande controles: kenbaar aan een oranje of
rode MG-vlag. Het is hier verplicht de
controlekaart ter afstempeling aan te bieden.
- Onbemande routecontroles: kenbaar aan een bord
of kaart met een letter en/of getal en eventueel
een of meerder opdrachten. Deze controle is
uitgevoerd conform een model bij de
inschrijftafel. Men dient bij het aandoen van een
dergelijke controle de desbetreffende letter en/of
het cijfer terstond onuitwisbaar en enkellijnig op
de controlekaart te noteren in het eerstvolgende
vrije vlakje.
- De eventueel bij de controle opgegeven opdracht
moet met voorrang op de routebeschrijving worden
ingevoerd.
- Ook kunnen er (dwang)pijlen in de route worden
geplaatst. Deze hebben voorrang op de
routebeschrijving. Hierin ligt ook een voorbeeld
bij de inschrijftafel.
- Controlevragen moeten betrekking hebben op de te
berijden route of moet met het automerk MG te
maken hebben.
- Prettig is dat de antwoorden op controlevragen
vanuit de auto zichtbaar zijn.
- Controlekaarten en strafpunten
Controlekaarten dienen volledig met pen ingevuld te
worden. De deelnemers ontvangen bij de start en
MGCC-controlekaart waarop zij de gevraagde gegevens
dienen in te vullen. Hierop kan controle plaatsvinden.
Niet volledige invulling (namen, auto type en
beginstand) moet gezien worden als een foutief
beantwoorde routecontrole waarvoor 30 strafpunten
worden toegekend. Doorhalingen hebben strafpunten tot
gevolg (10 als het om een controlevraag gaat, 30 als
het om een routecontrole gaat).
Overzicht van strafpunten:
10 strafpunten: voor een foutief of niet
beantwoorde controlevraag.
30 strafpunten: voor het missen van een routecontrole
(bemand of onbemand) of voor het aandoen van een
controle (bemand of onbemand) buiten de voorgeschreven
route.
1 strafpunt: ter voorkoming van ex-aequo's is het
mogelijk teveel gereden kilometers met 1 strafpunt per
kilometer te belasten.
- Voorbeelden routebeschrijving
na "KERK" R: na tekst kerk rechtsaf.
na o.a. "KERK" R: na deeltekst kerk
rechtsaf; volledige tekst b.v.: kerk of school.
na "KERK" (L) R: na tekst kerk, linksstaand,
rechtsaf.
na "KERK EN ENZ" R: na tekst kerk en school,
rechtsaf.
na kerk R: na kerkgebouw rechtsaf.
na kerk (L) R: na kerkgebouw, linksstaand, rechtsaf.
2e weg L: sla tweede weg aan de linkerhand in.
na 2e weg L: tel eerst twee wegen aan de rechterkant
om daarna linksaf te gaan.
bij 2e weg L: tel eerst twee wegen aan de rechterkant
om daarbij (direct) linksaf te gaan.
- Overige aanwijzingen
- De lengte van de puzzelrit zal niet korter zijn
dan 30 km en niet langer dan 50 km.
- Het is de bedoeling dat de rit in ongeveer 2,5
uur te rijden is. Te laat bij de finish betekent
uitsluiting.
Bron: MG
Car Club Holland |